Goddelijke vergezichten

.

Wolken en blauwe lucht toonden magistrale perspectieven meteen al toen mijn wandeling begon. Ik werd wel meteen met angst geconfronteerd. Er wonen vlakbij wat junks, geen onaardige jongens maar wel alleen maar met zichzelf bezig, met vier pitbulls in hun bezit. Onrustige beesten die nogal wat afblaffen. Toen ik net de flat uit was zag ik ze links op mijn gebruikelijke koers en overwoog ik een blokje om, maar iets in mij zei ´nee´. Linksaf dus en meteen hadden die woeste hondenschedels belangstelling voor me. Dat was geen keffen meer; ze wilden me opvreten! Onwillekeurig versnelde ik mijn pas toen ze, gelukkig aangeriemd,  tekeer gingen achter me, dezelfde richting op. Ik wilde tegelijkertijd net doen of het me niet deerde want honden die angst ruiken zijn nog veel gevaarlijker. Ik had net een boek van de Boeddha uitgelezen en wilde me niet laten kennen. Het lukte zowaar, −terwijl de junks met hun mobieltjes en andere onzin bezig waren en niet in de gaten hadden dat de honden een zekere vorm van psychische hypochondrie in mij opwekten−, kwam ik tot rust. Bijt maar in mijn kuit kreng, kan mij het schelen! Je kunt maar beter van die beesten houden.
¨EN NOU KOPPEN DICHT KUTHONDEN!!!¨ hoorde ik nu achter me. De opvoeding was iets te laat begonnen helaas want de honden waren niet onder de indruk en de junks al weer in hun mobieltjes vertrokken. Wat mijn geluk was, want daardoor hielden ze stil om te controleren of ze echt wel goed gelezen hadden wat ze zojuist lazen en zo was het gevaar mooi afgeschud.

De tocht met het pontje, ik kan en ik wil er niks aan doen, is voor mij altijd weer een kinderlijk feestje. Deze keer gingen er twee vrouwen mee aan boord. Een volwassene en een sportief meisje van een jaar of veertien met snelle sportfiets, rugzak en muts. Ik voelde me vertederd door alles dat ik zag, ik kon niet geloven dat zoveel schoonheid mogelijk is en de wereld toch besluit er een oorlog van de maken. Vond die gedachte zelf ruis, liet deze varen als het pontje waarop ik stond. Goddelijk vergezichten betoonden mij de eer dit te mogen aanschouwen.

Tis geen persoonlijk verhaal meer. Dat krijg je meer en meer door. De persoon is een rol die handig kan zijn, een gevangenis als je niet beter weet. Nu die dwaling vrij opkomt omdat ik mijn schaamte durf te voelen ervaar ik juist de zegening van de erkenning. Ik merk dat ik niet heb nagedacht nu ik op straten, in bussen en op pleinen mezelf oorzaakloos hoor communiceren met mijn medemens. Zo volmaakt in zichzelf, met de glimlach van twee kanten, dat het geen spoor van twijfel of iets anders achter laat. Dit is het! Steeds weer omdat er geen identiteit meer speelt, alles wordt volstrekt vers ontvangen.

Het meest bevrijdend vind ik misschien wel dat ik mijn handen van de knoppen van de flipperkast af mag halen. Tis een kutspel en die bal mag vallen. Ik voel me als bekwaam jongleur verlegen bij de uitnodiging alle ballen te laten vallen. Meen te moeten controleren om mijn zin te krijgen en heb zo de hele tijd het gevoel van verlies. Dit zien heb ik niet uitgevonden; tis tegelijk alsof ik mezelf getoond krijg. Nee, tis niet ´alsof´; tis evident.

Tis ook alsof ik mijn bescheidenheid heb hervonden. Ik het land der blinden krijg je al gauw een grote bek. Ik hou niet van mezelf als ik een grote bek heb. Ik denk dat iedereen precies weet wanneer ie vals is en onecht. Ik denk dat Vreugde alleen een feit is als al die afwijkingen zijn bijeengeraapt tot compassievolle actie. Ik heb tot nu toe alleen maar geblunderd. Mijn blunder als stepping stone naar de volgende blunder. Ik denk graag zo over mezelf zodat ik me niks ga verbeelden.

Het was in de Binnenstad, −Houtplein net verlaten, Grote Houtstraat in−, toen ik een moeder op haar dochtertje van een jaar of drie zag wachten. Dat meisje had een soort skibroek aan met een stof die tijdens ieder van haar pasjes een pracht schurend geluid af gaf.
¨Handige broek; je kunt zo altijd horen waar je dochter is¨ zei ik tegen de moeder terwijl ik haar rechts passeerde en ik keek in meest stralende ogen van het universum met de beste lach denkbaar. Welk een Schoonheid! Niet-hechten lijkt soms een hele opdracht maar vandaag niet; ik liep met mijn innerlijke glimlach verder en kon nergens gebrek aan schoonheid ontdekken.

De foto´s geef ik onbewerkt; tis zoals het is perfect.

DSCN1687

Over Joost Lips

https://bodemlozebeeldentuin.wordpress.com/
Dit bericht werd geplaatst in fotografie, proza en getagged met , . Maak dit favoriet permalink.

2 reacties op Goddelijke vergezichten

  1. basstarter zegt:

    hele mooie foto’s, skies over holland

  2. Joost Lips zegt:

    etiketten op zich zijn niet belangrijk

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s