Goede vriend,

.

Wij hebben afgelopen middag gesproken bij het Houtplein op een bankje. De reden dat ik je schrijf is omdat ik je niet wil afwijzen maar ook mijn bezwaren heb gevoeld als ik je weer tegen kwam. De eerste keer was hier vlak bij Zuiderpoort, alweer heel wat tijd geleden, en toen loog je me voor door te zeggen dat je bij Zuiderpoort werkt terwijl de oogbollen ongeveer uit je schedel vielen. Dus liegen is er niet meer bij of ik kap dit contact resoluut af.

Sterk van je vond ik, vanmiddag, dat je niet aan drong toen je mijn telefoonnummer ter sprake bracht; je noemde jouw adres zodat je deze brief kunt ontvangen. Daarmee heb je jezelf een dienst bewezen want anders was ik al afgehaakt. Punt is dat ik je gevecht zie en je waardeer hoe je het nu, gezien je situatie, ziet. Blijft een feit dat je me af en toe naar de mond sprak, ook vanmiddag, en ik wil je volstrekte oprechtheid en anders niks van je.

Je bent slim en gevoelig. Je hebt een verleden, weet ik, want die heb je me zelf verteld. Je lijdt onder dat verleden. Dat geldt trouwens voor iedereen, en niet alleen voor jou en mij zoals je op het bankje vanmiddag zei om me te paaien. Maar wat je me zei was steeds niet opdringerig, je opmerkingsgave is groot als je nuchter bent, ik vond het goed je te ontmoeten.

Mijn beste vrienden zie ik weinig, en dat komt door mij: ik ben graag alleen. Vriendschap wil ik met je hernieuwen als onze dialoog daarin betekenis heeft. Ik wil niet de verwachting wekken dat wij gezamenlijk gaan drinken of roken of wat je ook maar gebruikt; ik schrijf dit om je te bereiken en het voorstel te doen dat, als wij ontmoeten, we helemaal niks gebruiken. Ook geen tabak. Niks.

Ik ben je niet aan het redden want dat kan ik niet maar dat is mijn hele intentie ook niet. Ik ben geen junk aan het redden maar verliezen, ik spreek de wijze in je aan en vraag deze of die even op wil staan in jou. Ik weet zeker dat deze brief goed is want nadat je dit gelezen hebt kun je niet meer onder je Hart uit. Ik heb met je Hart gesproken vanmiddag vriend; ik ben blij met je goede intenties.

Wat ik voorstel is wandelen. Wandelen en praten. En dan kunnen we altijd een Kanonnetje nemen als we door de Waterleidingduinen zijn gegaan getweeën. Dit betekent, ik wens dat je dat heel diep verstaat, dat ik je vertrouw. Je mag me ook weer belazeren, net als iedereen, maar ik ben niet van cynisme gebouwd en jij, dat spreekt zo in je voordeel, ook niet.

Jij hebt duidingen over jezelf lopen die heb ik er binnen drie goede wandelingen uit. Binnen een, want je bent slim en zo moeilijk is het allemaal niet. Dan gaat het erom of je dat wil. Je verliest in feite alles wat je tot nu toe van jezelf dacht en dat is wel veel. Kijk maar. Ik sta open voor ontmoeten maar wil dat alleen als het de verslaving uitloopt, anders kun je beter iemand anders vragen.

Heb het ondertussen goed,

hartelijke groet,

Joost

.

Advertenties

Over Joost Lips

https://bodemlozebeeldentuin.wordpress.com/
Dit bericht werd geplaatst in proza en getagged met . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s