Een vreemde geschiedenis

.

Tis eindelijk zover: de lever moe, de longen zwart, de beurs leeg.
Nee, geen trots, ook geen zelfverwijt, wel blij dat het er op zit.
Kan nu eindelijk als heilige door het leven.

Weet je, die taal van mij is ook maar van blabla gemaakt
maar als het als muziek klinkt kom je er nog een heel eind mee.

Als ik ´s morgens wakker word is het bijna humeurig en denk ik:
wat nou weer?
Dan maak ik koffie, denk aan de slijter en verkoper van rook
zonder centen te hebben; das echt geen pretje!

Maar ja, de kunst gedijt prima op armoede
en hoe anders krijg je mij aan het werk?

Dus ik heb al mijn geld erdoor gejast in stad en land,
wetende dat dit niet goed kon gaan, maar het aardige is
dat ik de laatste maanden nog niet zo gelachen heb!

Toen ik mijn leven nog wilde beteren dacht ik jarenlang:
dan drink ik vanavond de laatste wijn, rook de laatste peuk.
Dat hoeft nu niet meer of ik moet uit stelen gaan.

Tis allemaal zonde, weet ik ook wel, want dit lichaam
is de tempel van God nietwaar?
O ja?
Als dat waar is dan sterft God bij het leven!

Alles dat ik weet van de oorsprong der dingen
is zeker weten de oorsprong der dingen niet;
er is geen hond die dit wil weten.

Overgave aan de oorsprong leidt tot rampspoeden,
neem dat maar van me aan goedgelovigen!

Hoe wil je nu ooit in het paradijs komen
als je niet eerst alle zonden hebt begaan?

Nee nee, ik wil niet dood, dat is onjuist gedacht;
mijn weten, dat laatste restje, is echter op sterven na dood.
Mijn taal hapert in de nacht die de dag vreest als de gedachte:
ja, wat nu weer?

Dan zet ik koffie en tel mijn verliezen en denk aan mijn vader
die zei dat ik beter zegeningen tellen kan;
hij was boekhouder maar ik kan niet rekenen.

Ik kende eens een leraar die zei:
God is niet-weten; ik weet het zeker;
vind je het gek dat ik toen vertrokken ben?

Mensen worden gemarteld en hebben honger
maar ik ken al zelfbeklag als mijn een na laatste fles
bijna leeg is en nog slechts drie peuken resten
dus verwacht van hier geen woorden van rechtvaardigheid.

Iedereen is een egoïst alleen de standaarden verschillen;
als je niks hebt kun je beter samenwerken.

Nee nee, ik ben niet cynisch, dat is fout geconcludeerd;
mijn lol is als de grap van Oliver Hardy die een afgebrand huis
via de enig nog staande deurpost binnen treedt.

Bestaat liefde dan niet?
Natuurlijk egoïst, anders zou je de volgende straat niet halen!
Maar wat je haalt is altijd je eigen ongelijk
totdat je sterft.

.

Advertenties

Over Joost Lips

https://bodemlozebeeldentuin.wordpress.com/
Dit bericht werd geplaatst in poëzie en getagged met . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s