Vakantiegeld

.

Volkomen platzak voorzag ik een armetierig avondje met slechts twee flessen van de goedkoopste wijn die ik van mijn laatste centen zou kunnen kopen toen er een verlossend telefoontje kwam. Het was Jimmy, ook een arme sloeber, maar, zo vertelde hij, hij had net van de uitkeringsinstantie vakantiegeld geïncasseerd en wou dit vieren en had mij daarbij als gezelschap voor ogen. Prima, ik wou hem niet teleurstellen en vroeg wat hij voor komende avond in gedachten had.
“Amsterdam, we gaan naar Amsterdam!”, had hij onmiddellijk geantwoord.
“Oké, welke tijd schikt?”
“Nu!”
Aha, een zenboeddhist die er geen gras over liet groeien; dat hoorde ik graag.
“Ik schiet meteen in de schoenen, zie je over drie kwartier op Amsterdam Centraal, buiten bij de hoofdingang”.
“Perfect!”
Ik kende Jimmy al vele jaren en gezien zijn niet al te stabiele persoonlijkheid die midden in een ontmoeting opeens een ander plan kon trekken nam ik me voor hem te vragen, zodra ik hem zou treffen, mij op voorhand vijftig euro te geven in geval van ‘calamiteiten’. Dat leek me een sympathieke smoes om mijn avondje uit mee te garanderen, wat zijn geest ook onderweg allemaal bedacht. Dit voornemen bleek later van profetisch inzicht te getuigen, maar zover zijn we nu nog niet. De zwoele zomerwarmte beloofde dat ieder drankje dat we zouden nemen dubbel en dwars effect in het lichaam zou sorteren met die reeds verwijde aderen; Jimmy zou er vast met een koopje vanaf komen. Ik zweette al zonder inspanning en in bus en trein rook ik mezelf met de neus van alle mooie meisjes die in het openbaar vervoer aanwezig waren. Toen ik Jimmy niet meteen trof heb ik van mijn laatste centen de beste deodorant gekocht dus mij kon niks vreselijks meer gebeuren.
“Hé Joost!”
“Hi Jimmy, welkom in de hoofdstad!”
Alsof ik de burgervader zelve was, zo omarmde ik mijn mecenas. Hij stonk ook en niet een weinig; daar leek ik nog heilig bij. Dus ik gaf hem mijn deo en zei dat we er een leuke avond van zouden maken. Hij was verblijd met mijn opmerkzaamheid; dit leek me een goed moment om naar die ondertussen zeventig euro vooraf te vragen. Hij kon niet wisselen, waarvoor ik hem niet euvel duidde, dus ik ontving twee briefjes van vijftig. De avond kon beginnen.

Jimmy had al gezopen, dat bemerkte ik meteen. En hij wou psychogene paddo’s kopen. Oké, hij betaalde en ik bleef rijk. We vraten ze op en liepen naar het Rembrandtsplein. Hij dacht dat er niks te beleven was, verveelde zich. Totdat de psilocybine van de zojuist ingeslikte magische broeders effect afleverde: nu beleefde hij meer dan er gebeurde! En vervolgens, als altijd, ging Jimmy met iedereen praten en zeggen dat ze alles verkeerd zagen. Hier en daar had ie succes en vonden ze hem leuk maar na een half uurtje was ie dan ook volstrekt doorzien. Hij ging zijn gang maar. Op een moment was hij iets te aanwezig in zijn observaties van een bloedmooi wijf waar naast een levende klerenkast stond. Toen kreeg ie zomaar een tik op zijn bek! Hij viel niet om, het was een corrigerend dreuntje geweest maar had hem bepaald opgewekt nog even door te gaan. Waarop mijnheer van de sportschool zich nog groter maakte dan ie zich al dacht en mij een idee in seinde. Niet ver van hem, als overal in deze kroeg, stond ook een vent die dacht dat zijn brein in zijn spieren zat en ik positioneerde mij achter hem, schraapte mijn keel en produceerde de beste fluim ooit die precies op de bek van de belager van Jimmy terecht kwam! Bull’s eye! En ik was weggedoken achter die tweede bodybuilder en mijn plannetje werkte wonderwel: twee spierbundels gingen nu met elkaar op het lijf. Je zou bijna denken dat het een  homobar was als er niet zo zwaar gevochten werd. Ik sleurde Jimmy mee naar buiten en de zaak was gered.

Die paddo’s hadden ondertussen tol van Jimmy geëist, als hij lachte dacht ie in Gein te zijn, als ie huilde waande ie zich in Wenen. In politieagenten zag ie rare vogels en hij dacht dat ik hem belazerd had. Dat krijg je van drugs; ik kan het iedereen afraden. Jimmy’s overwegingen hielden hem duidelijk niet staande en ik was niet van plan hulpverlenertje te spelen. Dus ik belde een taxi, haalde 50 euro uit zijn beurs en zei dat ie die goed in zijn handen moest houden voor de terugreis en hij is toen veilig afgevoerd.

( Wordt vervolgd )

.

Advertenties

Over Joost Lips

https://bodemlozebeeldentuin.wordpress.com/
Dit bericht werd geplaatst in proza en getagged met . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s