Zalige onwetendheid

.

Vandaag heerlijk door de miezer gewandeld luisterend naar, dat was lang geleden, Amy Winehouse. Zag een vrouw met gefronst voorhoofd en diep gebogen fietsen alsof het plensde bij windkracht tien maar dat was in het geheel niet zo; het zat allemaal tussen haar oren want het was gemoedelijk weer en de neerslag was te verwaarlozen. Wat later werd het wel natter zodat ik na een uur toch wel aardig doorweekt was en de beurs in de binnenzak van mijn jas bij het boodschappen doen ook vochtig bleek te zijn geworden. Maar het hinderde me niet, ik genoot van Amy en de mensen in mijn blikveld; een dag zonder pretenties met een heerlijke innerlijke rust. Das de hele dag bijna kreukloos zo gebleven; een prima toestand om wat aan verschillende schilderijen te werken. Twee werkjes zijn totaal getransformeerd en in veel betere staat gaan verkeren; de eenvoudige kalligrafische figuren die erin betrokken zijn wilden goed lukken vanuit mijn kalm gemoed.

Vanmiddag heel veel momenten van stille verwondering over meest eenvoudig beleven. Beleven dat van niemand was als ik niemand bedacht; deed ik dat wel dan zag ik dat ik maar een gedachte van een nog altijd onbekend en te betwijfelen zelf was. Verblijven in niet-weten, zo kun je dat noemen. Zien dat niks dat ik verzin waar is. Zien dat er niks te zien valt dus feitelijk. Stomweg op een stoel zitten. Opeens bemerken dat ik een tekening inlijst, wat dingen aan de muur verhang en even later zit ik tijdloos op de bank. Zien hoe de gedachte aan een volgend moment op staat, alsof er iets gebeuren moet, maar niets hoefde en ik zat prima. Dan toch ergens bemerken dat deze lichaamgeest met kwast en kleuren in de weer is. Zien en doen voelen vervloeien zonder verschil achter te laten.

Ik dacht dat er vanavond geen woorden meer zouden komen. Ik had de hele dag geen boodschap aan taal gehad met uitzondering van wat idiote opmerkingen die ik tot mezelf richtte als ik weer verbaasd stond dat ik überhaupt besta. Moest denken aan een gedichtje dat ik in vroeger dagen heb geschreven en die dit aldus onder woorden bracht:

To be or not to be?
Het antwoord is een draaideur:
je bent stil dus je bent niet;
je merkt dit op dus je bent wel.

In 1996 is dit gedichtje, met wat andere teksten uit mijn koker, in de spirituele krant Connection Magazine opgenomen. Ik heb zojuist dit exemplaar, 4e jaargang nr. 15, erbij gepakt en zie meer regels van mijn hand die rond hetzelfde cirkelen:

Als kennis uit het verleden stamt
wat is dan tegenwoordigheid van geest?

*

Wat is een ik
als die weigert een zelfbeeld te denken?

*

Zonder denkbeelden leven
is geen leven,
denken denkers tesaam.

*

Een waarheid die ik niet ken
kan ik niet vinden.
Mijn denken is louter zoeken,
nooit vinden.

*

Geinig, jaar in jaar uit cirkelen rond hetzelfde thema, niet om een steek vooruit te komen maar om in de verwondering te verblijven door deze niet door een aangemeten weten te laten overschaduwen. Vragen stellen om juist buiten verkrampte antwoorden in het mysterieuze zijn te verwijlen. Zelfonderzoek, niet om een zelf te vinden, maar juist om vrij te blijven van het aankoeken van welk zelfbeeld dan ook. ‘Swooning in consciousness’ noemde Adi Da Samraj dit. Ook heb ik altijd gehouden van zijn omschrijving: ‘Be the body only, without inwardness. Thus it becomes obvious’. De verwoording van Adyashanti die ik vanavond op Facebook tegen kwam is ook erg fraai in deze: “This awake silence is available to anyone in this moment. All you have to do is stop using your mind to look for it. It doesn’t know where to find it.”

Omdat bewustzijn nergens niet is, is het feitelijk niet te traceren hahaha! Het is overal waar je heen wijst dus is wijzen ernaar absurd. Het kent geen locatie omdat alles erbinnen gelokaliseerd is, dus je kunt het nooit vangen met je mentale schepnetjes. Nergens een plek om je aan vast te houden, geen vaste stek om je hoofd te ruste te leggen. Dat verdwaalde gevoel heeft me de afgelopen weken niet zelden de gewaarwording van waanzin gegeven; impulsen van angst op basis van vliegensvlugge noties die ik niet begreep. Schizoïde momenten van depersonalisatie waarop ik niet uitgleed omdat het zien stabiel genoeg was, maar aangenaam zou ik het niet willen noemen. Omdat het waarnemen helder was en ik nergens geloof aan hechtte werd het niet tot psychose maar unheimisch voelde iedere suggestie zeker en ik was vandaag dan ook dankbaar dat niets van dat alles mij teisterde als was ik verlost van het hele probleem dat daar speelde. Niet door een antwoord, maar omdat de vraag moe, doodop en uitgeput was.

De vrijheid is prachtig en van ultieme eenvoud maar het verleden in mijn genen stamt van het begin der tijden dus niet vreemd dat in de stad de rust weer makkelijk werd verstoord als een prachtige vrouw, sensueel gekleed, door het straatbeeld ging om mijn begeerte te wekken. Valt me vaker op dat ik dan even vloek, niet uit boosheid per se, maar veeleer uit respect en ontzag voor de onnoemlijke kracht die hier speelt. Tis secondewerk maar wel heftig secondewerk. Als de filosofie stilligt komt stront en die hele geneninhoud langzamerhand vrij; ga d’r maar aan staan! Omdat er niks anders op zit is vluchten uitstel. En van vluchten ben ik moe geworden. Diegene die bang is voor zijn niet-bestaan is moe geworden en gevallen. Ik dacht dat ik vandaag geen stom woord meer uit zou brengen. Woorden kwamen toch maar van wie ze zijn blijft onbekend.

.

Advertenties

Over Joost Lips

https://bodemlozebeeldentuin.wordpress.com/
Dit bericht werd geplaatst in non-dualisme, poëzie, proza en getagged met , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s