Geldzaken en economensprookjes

.

Mijn Marktplaats digitale boekenwinkeltje wil nog niet zo lopen. De boeken van Alexander Smit zijn verkocht; ik heb er vijf cassettebandjes bij cadeau gedaan toen de koopster me erop wees dat ik te weinig verzendkosten had gerekend. Voor wat hoort wat en het is fijn dat zulke eenvoudige transacties met zoveel hartelijkheid gepaard mogen gaan. Ze had mijn verhaaltje per mail, waarin ik met liefde over Alexander sprak, hartverwarmend gevonden en belde me zelfs nog even op om me te bedanken! Dat zijn leuke dingen voor de mens. De twee dichtbundels van Rilke gaan weg voor twintig euro; dat is vijf euro minder dan mijn vraagprijs en ik besloot ertoe nadat hij €17,50 had geboden. Het wordt nog spannend of ik deze maand alle rekeningen betaald ga krijgen. Misschien zijn mijn boeken te duur? Toch meldde een andere geïnteresseerde in de Alexanderboeken me dat ik tenminste nog schappelijke prijzen hanteer. Het zal de crisis wel zijn, ja, het is de crisis.

Van economie begrijp ik dus helemaal niks. Volgens mij spreken economen elkaar heel vaak tegen; het lijkt wel religie. De een zegt dat we meer moeten uitgeven ( ─dank Rutte, das goed voor mijn boekenwinkeltje─ ), een ander beweert dat hand op de knip en bezuinigen nu noodzakelijk is. Dat laatste, bedacht ik me vanmiddag toen ik me weer eens zat te verwonderen over deze tegenstelling, is wat vreemd gedacht want hoe zou je een economie op gang krijgen door er minder brandstof in te steken? Maar nogmaals, snappen doe ik er niets van. Wel weet ik dat crisis in feite alleen maar in de kop zit waar het me aan niks ontbreekt. Ja, ik sta rood bij de bank, iemand krijgt nog tweehonderd euro van me, kan mijn vervoerskaart niet opwaarderen, maar leef ik dan in armoede? Nee, zeker niet, hoewel mijn verslavingen onbetaalbaar zijn als ik serieus wil saneren. Ik laat zaken altijd verzanden en ik denk dat ik weet waarom. Procrastination is de term voor uit uitstelgedrag ten opzichte van zaken die meteen gedaan hadden kunnen worden. Het schept perspectief, als ik me eens goed waardeloos voel, dat ik mijn leven nog beteren kan. Het werkt zo als een buffer tegen de realiteit; tis nogal maf als ik het me zo hoor formuleren maar ik denk dat het wel klopt.

Er lag vorige week een klein reclamepapiertje in mijn postbus. Hier vlakbij is een tweedehands fietszaakje en ik las dat ze ook fietsen inkopen. Ik heb hier beneden in de box de kinderfiets van Tamara, mijn dochter die vandaag 22 is geworden, staan. Daar is niet veel op gereden en de kettingkast is stuk maar verder een dijk van een meisjesfiets, zeer stevig. En hier boven staat een prachtige racefiets al een jaar of tien ongebruikt te zijn. Met van die dunne wielen; ik heb er wat mee afgesjeesd! En hoe die fiets daar terecht is gekomen? In een andere arme tijd moest er een band vernieuwd worden en er was geen geld voor. Of beter, ik had andere prioriteiten. Die fiets is ook een prima metafoor voor het verschijnsel procrastinatie in mijn leven. Nu rijst de vraag: gaat deze racefiets ook naar de fietshandelaar of knap ik deze op ten gunste van heerlijke tochten erop in het verschiet? Het laatste spreekt me het meeste aan; ik ga aan de klus en zie wel hoe ver ik kom zonder geld te hoeven spenderen.

Toen ik mijn baan verloor viel mijn inkomen ruim zeshonderd euro omlaag; mijn uitgavenpatroon bleef hetzelfde en, zoveel snap ik dan toch wel, dat gaat niet goed op het eind. Het is geen ideologie meer om mijn verslavingen de baas te worden maar eenvoudig een financiële noodzaak. Er zijn, bedacht ik me vandaag toen ik mijn zonden overwoog, heel veel zaken waar ik van geniet en die geen geld kosten. Een goed voorbeeld daarvan is de fotografie. Sinds ik een digitale camera en internetverbinding heb is dit mij een grote vreugde; alleen het opladen van de accu’s kost wat, verder is het hele productieproces gratis. Dat was vroeger wel anders; fotografie was toen een dure hobby voor me. Dagen wachten op je foto’s, totdat de een uur service kwam. En nu, nu heb je de foto binnen seconden met de hele wereld gedeeld. De acceleratie van veranderingen is ontzagwekkend. En zo was ik laatst op Haarlem Jazz, fotografeerde verschillende artiesten, zette de serie op mijn fotografieweblog en zond de link naar de muzikanten. En allen reageerden ze hartelijk, een van hen zond me zelfs een cd met zijn muziek, wat mij dan weer een brede glimlach bezorgt. En mijn foto’s verschenen op Facebookpagina’s van twee bandjes, in een geval met bronvermelding, de ander had ik vrij gebruik van mijn foto’s toegezegd. Dat stemt mij tevreden, dan ruik ik nieuwe mogelijkheden.

Maar even terugkomen op de economensprookjes: wie weet nou hoe het geldverkeer werkt? Niemand; omdat geldverkeer door psychologische en niet objectief meetbare factoren wordt bepaald is de uitkomst van het economisch proces altijd weer volstrekt onvoorspelbaar. Ja, na een hausse komt een baisse, dat hoeft niemand meer uitgelegd te worden maar het sprookje is nu juist dat men doet alsof de neergang van de economie met economische wijsheid voorkomen kan worden. De geschiedschrijving leert dat, in alle levensgebieden, na opgang verval komt en dat hoogconjunctuur gevolgd moet worden door het tegenovergestelde, daar is geen voorkomen aan. Ook culturele hoogstandjes eindigen altijd weer in decadentie. Het is niet tegen te houden.

Vandaag had ik weer zo een moment van evidentie waar ik perplex van stond. Bert Schierbeek ( ─zijn verzamelde gedichten zijn niet te koop─ ) heeft wel eens gezegd dat ie zijn beste inzichten had bij een flinke kater na ruim alcoholgebruik. Zo was het precies vandaag. Ik had verschillende keren dezelfde gedachte: wat is het toch maf dat als dit hart stopt met kloppen ik ook opeens verdwenen ben! Het is een schizoïde gedachte, want ik en mijn lichaam zijn twee als ik er zo naar kijk. Maar de gedachte is ook erg interessant omdat deze wijze van gespleten waarnemen juist uiterst gangbaar in de wereld is; ik keek naar de oorsprong van die waanzin. Je kan niks met zo een gedachte en deze drong zich wel op met de kater die ik voelde: ik zag dat de geest die meent over het lichaam te gaan een vreemde grap is. Niet zo vreemd omdat ongeveer iedereen met deze geest leeft en zeer vreemd omdat niet velen deze menselijke toestand beseffen en doorzien.

De kater en dit zien culmineerde tot het meest eenvoudige moment van deze afgelopen dag. Ik zag toen dat iedere geestelijke poging vat te krijgen op het hier veronderstelde probleem, een toekomst creëerde via de procrastinatie die bij een valse projectie hoort. Ik zat op een stoel te zien wat het is nodeloos diepzinnig te doen over het zitten op een stoel. “Tja” hoorde ik me zeggen en alle beeltenissen vielen.

Crisis? Welke crisis? Ik zit op een stoel en mij ontbreekt niets. Zoeken is een vals excuus om niet te vinden, dat zag ik vandaag en niets bleef dat half was. Het was volstrekt duidelijk dat taal immer en altijd de nuances mist de fijnheid van zien zelf te evenaren; als literatuur wel dat gevoel sorteert heeft de lezer in de woorden geprojecteerd waarvan niemand weten kan of de schrijver dat bedoelde. Taal is mysterie.

.

Advertenties

Over Joost Lips

https://bodemlozebeeldentuin.wordpress.com/
Dit bericht werd geplaatst in non-dualisme, oplichting, proza, taal en getagged met , , , . Maak dit favoriet permalink.

2 reacties op Geldzaken en economensprookjes

  1. Smakelijk stuk, al ga ik er inhoudelijk niet op in.

  2. Joost Lips zegt:

    Heel verstandig want het zou je nog eens geld kunnen kosten!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s